Vanaf 1 maart 2028 geldt er een verbod op de inzet van uitzendkrachten in de vleessector.
Sinds 2010 worden er in de vleessector regelmatig ernstige misstanden gemeld, vooral ten aanzien van kwetsbare buitenlandse werknemers.
Waarom wil men de inzet van uitzendkrachten verbieden?
De inzet van uitzendkrachten wordt onder andere verboden omdat:
- slechte arbeidsomstandigheden, onderbetaling, intimidatie, geweld en gevaarlijke situaties regelmatig voorkomen;
- werknemers na ziekte of een ernstig ongeval kunnen worden ontslagen en daardoor ook hun huisvesting kunnen verliezen en zelfs dakloos kunnen raken;
- volgens de Arbeidsinspectie komen overtredingen van arbeidsrechtelijke regels bij uitzendkrachten twee keer zo vaak voor;
- het percentage ontslagen op staande voet in de vleessector ongeveer 10% bedraagt, tegenover een landelijk gemiddelde van 0,65%.
De sector kreeg de mogelijkheid om de situatie zelf te verbeteren
De sector kreeg tot 15 juni 2026 de tijd om zelf verbeteringen door te voeren.
Een van de belangrijkste doelstellingen was dat in juli 2026 minimaal 80% van de werknemers rechtstreeks in dienst zou zijn. Dit doel is niet bereikt: in de rood- en witvleessector is momenteel slechts ongeveer 50% rechtstreeks in dienst.
Daarom zal het nieuwe verbod op de inzet van uitzendkrachten ook volledig gelden voor de pluimveesector.
Het 16-puntenplan van VleesNL
De brancheorganisatie VleesNL probeerde het verbod te voorkomen met een actieplan van 16 punten. Zo werd onder andere voorgesteld om uitsluitend samen te werken met uitzendbureaus die over de juiste SNA- en SNF-certificering beschikken en lid zijn van ABU of NBBU.
De regering oordeelde echter dat de verbeteringen te langzaam gingen en dat de gestelde doelen niet zijn behaald. Bron: Uitzendverbod vleessector 2028: Dit moet je weten | Flexpedia
