Sinds de invoering van de Wet toekomst pensioenen (WTP) is in Nederland een belangrijke fiscale wijziging van kracht geworden waarvan veel mensen nog steeds niet op de hoogte zijn.
Hierdoor kunnen veel particulieren – met name zelfstandigen (ZZP’ers), ondernemers met een eigen BV (DGA’s), mensen die geen of weinig pensioen hebben opgebouwd en werknemers met een pensioentekort – aanzienlijk belasting besparen door gebruik te maken van de beschikbare mogelijkheden voor pensioeninleg.
Wat is er veranderd?
De belangrijkste veranderingen zijn:
- De zogenaamde jaarruimte is aanzienlijk verhoogd. Voorheen was de berekening gebaseerd op ongeveer 13,3%; tegenwoordig kan, wanneer sprake is van een pensioentekort, tot 30% van de pensioengrondslag fiscaal aftrekbaar worden ingelegd voor het pensioen.
- Ook de reserveringsruimte, oftewel de niet-benutte pensioenruimte uit eerdere jaren, is uitgebreid. Niet-benutte bedragen kunnen nu tot 10 jaar terug worden gebruikt (voorheen was dit 7 jaar).
- Onder bepaalde voorwaarden kunnen zelfs personen die de AOW-leeftijd hebben bereikt nog enkele jaren van deze mogelijkheid gebruikmaken.
Hoe kunt u hiermee belasting besparen?
Als iemand een pensioentekort heeft, kan er worden ingelegd op:
- een lijfrentespaarrekening;
- een lijfrentebeleggingsrekening;
- of een lijfrenteverzekering.
Deze stortingen zijn aftrekbaar in Box 1 en verlagen daarmee het belastbare inkomen.
Voorbeeld
Jaarlijkse ondernemingswinst: € 80.000
Berekende jaarruimte: € 12.000
Pensioeninleg: € 12.000
In dit geval daalt het belastbare inkomen van € 80.000 naar € 68.000.
Afhankelijk van het belastingtarief kan dit een belastingbesparing van enkele duizenden euro’s opleveren.
Het is belangrijk om te weten dat dit geen definitieve belastingvrijstelling is, maar belastinguitstel. Wanneer het pensioen later wordt uitgekeerd, moet hierover belasting worden betaald, maar in veel gevallen geldt op dat moment een lager belastingtarief.
Voor wie kan dit bijzonder voordelig zijn?
Deze mogelijkheid kan vooral interessant zijn voor:
- zelfstandigen (ZZP’ers);
- ondernemers met een eigen BV (DGA’s);
- mensen zonder pensioenregeling via een werkgever;
- werknemers die weinig pensioen hebben opgebouwd;
- mensen die gedurende meerdere jaren geen pensioen hebben opgebouwd;
- en mensen die vanwege hun hoge inkomen veel inkomstenbelasting betalen.
Waar moet u op letten?
U kunt niet zomaar een willekeurig bedrag aftrekken.
De Belastingdienst berekent ieder jaar het maximaal aftrekbare bedrag, onder andere op basis van:
- het inkomen van het voorgaande jaar;
- de pensioenopbouw via de werkgever (Factor A);
- en de niet-benutte pensioenruimte van de afgelopen 10 jaar.
Handige tip
Voordat de jaarlijkse aangifte inkomstenbelasting (IB-aangifte) wordt opgesteld, is het verstandig om voor iedere cliënt te controleren:
- Is er sprake van een pensioentekort?
- Is er nog beschikbare jaarruimte?
- Is er nog niet-benutte reserveringsruimte uit eerdere jaren?
- Is het verstandig om vóór het einde van het jaar nog een pensioeninleg te doen?
In veel gevallen kan hiermee enkele duizenden euro’s aan inkomstenbelasting worden bespaard, terwijl tegelijkertijd het eigen pensioenvermogen van de cliënt wordt opgebouwd.
